Go to content Go to navigation Go to search

Woordenlijst bij Full Tilt · 3219 dagen geleden by Ad van den Ende

p XV
cunning: sluw, listig, slim
whim: gril, opwelling, bevlieging
bought: van buy=kopen, aanschaffen
gear: versnelling

p XVI
abroad: in/naar het buitenland
intoxicate: in extase/vervoering brengen
mile: 1609 meter
care of: per adres
awe: ontzag, eerbied
stuck: van stick=vastzitten, plakken
slacks: lange broek
flick: aanknippen (schakelaar)
catch: vergrendeling, pal

p XVII
gadget: dingetje, apparaatje, snufje
mileage: totaal aantal afgelegde mijlen
fallacy: denkfout, misvatting
assault: verkrachten
waist: middel
self-preservation: zelfbehoud
instalment: termijn, aflevering
MS: manuscript
reference: referentie, raadpleging
burnish: (op)glanzen, polijsten
entry: ingang, notitie
topical: plaatselijk
glean: aren lezen, verzamelen
figure: vorm, motief, cijfer

p XVIII
effects: bezittingen
odd: oneven; vreemd, ongewoon
compile: verzamelen; samenstellen
ordeal: beproeving, vuurproef
execrable: verfoeilijk, abominabel

Inleiding tot de reis; van Duinkerken tot Teheran

p 1
freak: vreemd, typisch
grim: onverbiddelijk; beroerd
breadth: breedte; uitgestrektheid
humdrum: saai; vervelend, eentonig
p 2
neat: net(jes); puur
icicle: ijskegel, ijspegel
mark: teken; (rapport)cijfer, punt
impeccable: foutloos; smetteloos
customs: douane
glove: handschoen
sear: (ver)schroeien
caustic: brandend, bijtend
rugged: ruw; ruig, grof
hurl: smijten
dungeon: kerker
emaciate: uitmergelen; vermageren
intricate: ingewikkeld, complex
protrude: uitpuilen
loaf: brood
scruffy: smerig, vuil, slordig
p 3
dismay: wanhoop
flight of stairs: trap
ring: ring
concoct: samenstellen; brouwen
anaemic: bloedarm
broth: bouillon; soep
whip: snel bewegen; kloppen
groom: verzorgen
perm: permanenten
p 4
studded with: vol/bezaaid met
ramshackle: bouwvallig, vervallen
revel in: genieten van
crisp: helder, fris
freakish: vreemd, grillig
foot: 0,3 m
ditch: sloot, greppel
impact: schok(effect); invloed
crawl: kruipen
yard: 0,9 m; binnenplaats
gale: storm
brace : schrap zetten; vastbinden
p5
flake: vlok
host: massa; gastheer
agony: kwelling, foltering; doodsstrijd
numb: verkleumd; verstijfd
curl up: ineenkrimpen
blunder: strompelen; blunderen
pile: hoop; (hei)paal
wipe: (af)vegen; (af)drogen
thaw out: ontdooien
broach: ter sprake brengen; aanspreken
landlady: waardin; huisbazin
hail: begroeten; hagelen
relief: opluchting; reliëf
p6
pace: met alle respect voor
due: verplicht; verwacht
sweep: zich snel voortbewegen
ignominious: schandelijk, oneervol
treachrous: verraderlijk, onbetrouwbaar
p7
relentless: gestaag; meedogenloos
sleigh: slee
drift: opeenhoping; afwijking
ridge: richels/plooien vormen in
gruelling: afmattend, slopend
hardship: ontbering, tegenspoed
p8
tenous: ijl, dun, slank
tension: spanning
thaw: dooi
eave: (overhangende) dakrand
twist: kronkelen, draaien
skid: slippen, schuiven
sturdy: stevig, vastberaden
cart: kar
p9
hurle: razen, stormen, smijten
stumble: struikelen, strompelen
worry: tobben, zich bekommeren om
skull: schedel
pack: meute, troep
lavish: verkwistend
apprehension: angst
emaciate: uitmergelen
astray: verdwaald
garlic: knoflook
pickle: inmaken
p 10
scalp: schedel
overcast: bewolkt
savour: proeven, smaken
uncanny: huiveringwekkend
hushed: verzwegen
desolation: woestenij, desolatie
spell: ban, betovering
huddle together: bij elkaar kruipen
amble: kuieren
heed: aandacht besteden aan
ominous: onheilspellend, sinister

Terug