Go to content Go to navigation Go to search

6d Een onverwachte ontmoeting · 3570 dagen geleden by Ad van den Ende

ἀλλ᾽ ὅτε δὴ ἄρ᾽ ἔμελλε πάλιν οἶκόνδε νέεσθαι
Maar toen ze op het punt stond weer naar huis te gaan,
ζεύξασ᾽ ἡμιόνους πτύξασά τε εἵματα καλά,
na de muilezels te hebben ingespannen en de mooie kleren te hebben opgevouwen,
ἔνθ᾽ αὖτ᾽ ἄλλ᾽ ἐνόησε θεά, γλαυκῶπις Ἀθήνη,
toen bedacht ze weer iets anders, de godin, de uilogige Athene,
ὡς Ὀδυσεὺς ἔγροιτο, ἴδοι τ᾽ ἐυώπιδα κούρην,
hoe Odysseus wakker zou worden, en zien zou het knappe meisje,
ἥ οἱ Φαιήκων ἀνδρῶν πόλιν ἡγήσαιτο.
dat hem naar de stad van de Faiaken zou voorgaan.

σφαῖραν ἔπειτ᾽ ἔρριψε μετ᾽ ἀμφίπολον βασίλεια·
Ze wierp toen de bal naar een dienares, de prinses;
ἀμφιπόλου μὲν ἅμαρτε, βαθείῃ δ᾽ ἔμβαλε δίνῃ·
maar ze miste de dienares, en wierp (de bal) in een diepe draaikolk.
αἱ δ᾽ ἐπὶ μακρὸν ἄυσαν· ὁ δ᾽ ἔγρετο δῖος Ὀδυσσεύς,
Zij slaakten een luide gil; hij werd wakker, de held Odysseus,
ἑζόμενος δ᾽ ὥρμαινε κατὰ φρένα καὶ κατὰ θυμόν·
overeind komend peinsde hij in zijn geest en in zijn hart:

“ὤ μοι ἐγώ, τέων αὖτε βροτῶν ἐς γαῖαν ἱκάνω;
“Wat hebben we nú? In het land van welke stervelingen ben ik nu weer terecht gekomen?
ἦ ῥ᾽ οἵ γ᾽ ὑβρισταί τε καὶ ἄγριοι οὐδὲ δίκαιοι,
Zijn ze soms agressief en wild en niet rechtvaardig,
ἦε φιλόξεινοι καί σφιν νόος ἐστὶ θεουδής;
of juist vriendelijk voor vreemdelingen en zijn ze godvrezend?

ὥς τέ με κουράων ἀμφήλυθε θῆλυς ἀυτή·
Als van meisjes hoorde ik vrouwelijk gegil;
νυμφάων, αἳ ἔχουσ᾽ ὀρέων αἰπεινὰ κάρηνα
van nimfen die wonen op de hoge toppen van bergen
καὶ πηγὰς ποταμῶν καὶ πίσεα ποιήεντα.
en bij bronnen van rivieren en op grasrijke weiden.
ἦ νύ που ἀνθρώπων εἰμὶ σχεδὸν αὐδηέντων;
Of ben ik soms bij sprekende mensen?
ἀλλ᾽ ἄγ᾽ ἐγὼν αὐτὸς πειρήσομαι ἠδὲ ἴδωμαι.”
Maar kom, laat ik dat zelf uitvinden en gaan zien.”

ὣς εἰπὼν θάμνων ὑπεδύσετο δῖος Ὀδυσσεύς,
Na zo gesproken te hebben dook hij op van onder de struiken, de held Odysseus,
ἐκ πυκινῆς δ᾽ ὕλης πτόρθον κλάσε χειρὶ παχείῃ
van het dichtbegroeide struikgewas brak hij een tak af met zijn stevige hand,
φύλλων, ὡς ῥύσαιτο περὶ χροῒ μήδεα φωτός.
(een tak) met bladeren, om zo op zijn lichaam de mannelijke schaamdelen te bedekken.

βῆ δ᾽ ἴμεν ὥς τε λέων ὀρεσίτροφος ἀλκὶ πεποιθώς,
Hij liep als een leeuw, die in de bergen is opgegroeid, op zijn kracht vertrouwend,
ὅς τ᾽ εἶσ᾽ ὑόμενος καὶ ἀήμενος, ἐν δέ οἱ ὄσσε
die voortgaat, verregend en verwaaid, in zijn hoofd gloeien zijn ogen;
δαίεται· αὐτὰρ ὁ βουσὶ μετέρχεται ἢ ὀίεσσιν
maar hij stort zich op runderen of schapen
ἠὲ μετ᾽ ἀγροτέρας ἐλάφους· κέλεται δέ ἑ γαστὴρ
of op wilde herten; zijn maag gebiedt hem
μήλων πειρήσοντα καὶ ἐς πυκινὸν δόμον ἐλθεῖν·
een aanval te wagen op kleinvee en op een stevig gebouwde stal af te gaan;

ὣς Ὀδυσσεὺς κούρῃσιν ἐυπλοκάμοισιν ἔμελλε
zo stond Odysseus op het punt onder schoonlokkige meisjes
μίξεσθαι, γυμνός περ ἐών· χρειὼ γὰρ ἵκανε.
zich te begeven, naakt als hij was; want de nood dwong hem.
σμερδαλέος δ᾽ αὐτῇσι φάνη κεκακωμένος ἅλμῃ,
Vreselijk was hij voor haar om te zien, toegetakeld door het zeewater;
τρέσσαν δ᾽ ἄλλυδις ἄλλη ἐπ᾽ ἠιόνας προὐχούσας·
zij stoven uiteen naar alle kanten, de vooruitstekende landtongen op;
οἴη δ᾽ Ἀλκινόου θυγάτηρ μένε· τῇ γὰρ Ἀθήνη
alleen Alkinoös’ dochter bleef staan; want haar gaf Athene
θάρσος ἐνὶ φρεσὶ θῆκε καὶ ἐκ δέος εἵλετο γυίων.
moed in haar hart en zij nam de vrees weg uit haar ledematen.

στῆ δ᾽ ἄντα σχομένη· ὁ δὲ μερμήριξεν Ὀδυσσεύς,
Zij stond tegenover (hem), zich beheersend. Hij overlegde bij zichzelf, Odysseus,
γούνων λίσσοιτο λαβὼν ἐυώπιδα κούρην,
of hij zou smeken door haar bij de knieën te pakken, het knappe meisje,
ἦ αὔτως ἐπέεσσιν ἀποσταδὰ μειλιχίοισι
of dat hij gewoon op een afstand met vriendelijke woorden
λίσσοιτ᾽, εἰ δείξειε πόλιν καὶ εἵματα δοίη.
zou smeken in de hoop dat zij zou wijzen (de weg naar) de stad en kleren zou geven.

ὣς ἄρα οἱ φρονέοντι δοάσσατο κέρδιον εἶναι,
Terwijl hij zo nadacht leek het hem het beste te zijn
λίσσεσθαι ἐπέεσσιν ἀποσταδὰ μειλιχίοισι,
te smeken met vriendelijke woorden van op afstand,
μή οἱ γοῦνα λαβόντι χολώσαιτο φρένα κούρη.
uit vrees dat het meisje, als hij haar bij de knieën zou pakken, boos op hem zou worden.

Volgende
Terug