Go to content Go to navigation Go to search

De Storm; De overspelige vrouw; Jezus voorspelt zijn lijden en dood. · 890 dagen geleden by Ad van den Ende

Jezus stilt de storm. (Marcus 4, 35 – 41)

“35 En hij zei tegen hen op diezelfde dag, toen het laat was geworden: “Laten we naar de overkant gaan.”
36 Zij lieten de mensen gaan; zij namen Jezus mee, hij was al in de boot- en er waren ook andere boten bij.
37 En er stak een hevige orkaan op, en de golven sloegen over de boot, zodat de boot al vol water liep.
38 En hij lag op het achterschip te slapen, zijn hoofd op een kussen; zij maakten hem wakker en zeiden hem: “Heer, kan het u niets schelen dat we vergaan?”
39 Jezus werd wakker en sprak de wind bestraffend toe, en zei tot de zee: “Zwijg, wees stil!”
En de wind ging liggen, en er ontstond een kalme, gladde zee.
40 Hij zei hun: “Waarom zijn jullie bang? Hebben jullie nog geen geloof?
41 Zij waren erg bang, en zeiden tegen elkaar: “Wie is hij toch voor iemand, dat zelfs de wind en de zee hem gehoorzamen?”

Dit doet me denken aan een gebeurtenis die “De tienduizend Grieken” onder leiding van Xenofon meemaakten tijdens hun terugtocht naar Griekenland. Zij waren met een Perzische prins mee gegaan die zijn broer van de troon wilde stoten. Maar die prins was gesneuveld, dus nu moesten de Grieken maar zien dat ze levend thuis kwamen. Midden in de winter moesten zij door een zeer woest gebergte ten noorden van Perzië, met veel vijandige stammen. Op een gegeven ogenblik stak er een hevige storm op. Zij brachten een offer, en vertrouwden er zo op dat dit offer zou helpen dat zij inderdaad vonden dat het daarna minder hard was gaan waaien.
Iets dergelijks moet hier gebeurd zijn. De apostelen stelden zo’n groot vertrouwen in Jezus dat het voor hen, na zijn kalmerende woorden, gevoelsmatig minder hard was gaan waaien.

De overspelige vrouw (Johannes 8, 3 – 11)

Het is de vraag of dit werkelijk zo gebeurd is. Alleen Johannes vertelt het. Maar het is te mooi om het niet te vertellen.

“3 De schriftgeleerden en de Farizeërs brachten een vrouw naar Jezus die op echtbreuk was betrapt;
ze plaatsten haar in het midden
4 en zeiden hem: ‘Rabbi, deze vrouw is betrapt op heterdaad bij het overspel plegen.
5 In de wet heeft Mozes ons bevolen dergelijke vrouwen te stenigen.Wat zegt u?’
6 Dat zeiden ze echter om hem op de proef te stellen, opdat ze iets hadden om hem van te beschuldigen. Maar Jezus boog zich voorover en met zijn vinger schreef hij op de grond.

7 Toen ze aanhielden met hem deze vraag te stellen, richtte hij zich op en zei hun:
‘Degene van u die zonder zonden is werpe de eerste steen.’
8 En opnieuw boog hij zich voorover en schreef op de grond.
9 Toen ze dat gehoord hadden gingen ze weg, één voor één, beginnend vanaf de oudsten; en hij bleef alleen achter, en de vrouw die in het midden stond.
10 Jezus richtte zich op en zei haar:
‘Mevrouw, waar zijn ze? Heeft niemand u veroordeeld?’
11 Zij antwoordde: ‘Niemand, Heer.’
Jezus zei haar: ‘Ook ik veroordeel u niet.
Ga heen, en zondig vanaf nu niet meer.’”

Jezus spreekt voor de derde maal over over zijn lijden en dood.
(Lucas 18:31-34)
31  Na de twaalf erbij gehaald te hebben zei hij tegen hen:
“Zie, we gaan naar Jeruzalem en vervuld zal worden
alles wat geschreven is door de profeten over de Mensenzoon.

32  Hij zal worden overgeleverd aan de heidenen
en worden bespot en beledigd en bespuwd.
33  En na hem gegeseld te hebben zullen ze hem doden,
En op de derde dag zal hij opstaan uit de doden.

34 En zij begrepen daar niets van, de betekenis van dat woord
was verborgen voor hen.
En zij begrepen niet wat er gezegd was.

Volgende
Terug